Systemisch coachen doe je niet alleen met je hoofd. Het is energie- en bewustzijnswerk. Je hanteert daarbij een fenomenologische manier van waarnemen/kijken. Systemisch coachen is daarmee fundamenteel totaal anders dan vrijwel alle andere coaching methoden.

Vind je het leuk als ik je daar iets meer over vertel, omdat jij geïnteresseerd bent, omdat jij er meer van wilt weten, hoe het werkt en wat je ermee kunt, voor jezelf of voor een ander?

Het veld.
Een van de werkzame mechanisme in opstellingen is het zogenaamde morfogenetisch veld, ontdekt door Ruppert Sheldrake, wat belangrijk is om te leren voelen.

Spiegelneuronen.
Natuurkundigen spreken van ‘resonantie’, een gelijk opgaande trilling tussen twee objecten waardoor ze ineens hun signalen kunnen synchroniseren en in een nieuwe harmonie samenwerken. Het is dezelfde trilling die je ervaart op het hoogtepunt van Bach als honderd tonen bij elkaar komen. Je voelt het in elke cel van je lichaam en word een met de muziek.
Soortgelijke momenten ontstaan er tussen moeder en kind, tussen geliefden, tussen mensen die naar een diepgaande verbondenheid streven en dat bereiken.

Dat gevoel van verbondenheid komt niet alleen tot uitdrukking in onze gevoelens, maar zelfs in onze lichaamscellen.
Uit recent onderzoek weten we dat als partners met empathie op elkaar reageren, bepaalde zenuwcellen in de prefrontale cortex van hun hersenen actief worden: de spiegelneuronen. Die neuronen blijken een van de fundamentele mechanismen te zijn die ons in staat stellen om echt te voelen wat er in iemand anders omgaat. Dat is een ander niveau van begrip dan wanneer je iemands ervaring vat met je verstand. Als we iemand iets zien doen, worden die hersencellen actief, net alsof we de handeling zelf verrichten. Spiegelneuronen maken deel uit van ons algemenen ‘voor verbinding geprogrammeerde’ erfgoed en ze stellen ons in staat om liefde te ervaren en lief te hebben.

Ze zijn in 1992 bij toeval ontdekt toen een neurowetenschapper onder het eten van een ijsje het brein van een aap onderzocht en zag dat die activiteit vertoonde alsof de aap zelf dat ijsje at!.

De neuronen maken het ons mogelijk om bedoelingen en emoties te lezen, om een ander bij ons naar binnen te halen. Met een terminologie die ze aan natuurkundigen hebben ontleend, spreken neurowetenschappers nu van weerkaatsende toestanden van empathische resonantie.
Dat klinkt heel abstract. Wat het voor gelieven wil zeggen is dat er een tastbare kracht in ons schuilt in het echt naar elkaar kijken, die kracht helpt ons om emotioneel aanwezig te zijn en in te kunnen spelen op de non-verbale signalen van onze partner. Zo ontstaat een niveau van betrokkenheid en empathie dat in een minder directe verbinding verloren gaat.
Spiegelneuronen stellen ons in staat om de door een ander getoonde emotie waar te nemen en in ons eigen lichaam te voelen.]

Spiegelneuronen. Zenuwcellen die actief worden in resonantie met zenuwcellen van de persoon naar wiens handelingen we kijken en die zich bevinden in dezelfde regio van het brein als die welke bij de andere persoon actief is. Dat schijnt de fysiologische basis te zijn voor ons imitatievermogen, het vermogen om deel te nemen aan de handelingen van een ander. Deze neuronen helpen ons te voelen wat anderen bedoelen en in verbinding te komen met de gevoelens van de ander. Zo kunnen we de gedachten van anderen lezen, in resonantie met hun toestand. Wetenschappers denken dat hoe actiever iemands spiegelneuronen systeem is, des te meer empathie hij of zij heeft

De naweeën van trauma’s.
Soms heeft een trauma zulke heftige naweeën dat onze emoties en de signalen die we afgeven een grote chaos zijn. Die echo’s kunnen onze partner ook angst aanjagen en in verwarring brengen. Flash-backs, extreme overgevoeligheid, schrikachtigheid en hyperalertheid, prikkelbaarheid, woede, een gevoel van hulpeloosheid en extreem terugtrekkingsgedrag, het zijn allemaal kenmerken van een trauma. Mensen die te maken hebben met dergelijke naweeën vertellen hun partner vaak niet wat er aan de hand is. Ze menen dat ze hun problemen zelf moeten oplossen of dat hun partner hen toch niet zal begrijpen. Die partner neemt dergelijke symptomen dan persoonlijk op, raakt er zelf mee belast en wordt afwerend.
Ons zenuwstelsel ervaart van nature nog een tijd de naschokken van een ontmoeting met de draak. Onze hersens zijn in staat van alarm, letten op gevaarsignalen en schakelen bij de minste of geringste onzekerheid op een hogere versnelling. We hebben niet alleen flashbacks, maar we voelen os ook opgefokt. We kunnen niet slapen, gedragen ons onvoorspelbaar en geïrriteerd. Jammer genoeg richt die irritatie zich vaak op onze partner, die daardoor ook gespannen en angstig wordt. Traumatische stress kan de hele relatie op scherp zetten.

De representant, toeschouwer, begeleider.
De spanning die je voelt in je lijf, die je ervaart in je relatie, in jouzelf, bij jouw cliënt – daar gaat het om. Hoe je omgaat met de gevoelens en emoties die je ervaart in jezelf, bij de ander en in de relatie in het hier-en-nu, dat is de toegang tot het veld waarmee we werken.
Om daar contact mee te maken, stellen we representanten op, of leggen we bij ankers op de grond en gaan we op staan om als het ware dat wat nu allemaal in hem of haar is te kunnen onderzoeken. We klappen dan als het ware zijn innerlijke ruimte open. Dat betekent dat we dieper ingaan op wat hij nu meemaakt.
Hier heb je de hulp nodig van de cliënt om te kijken wat er gebeurt.
Zelf ben ik inmiddels zo goed getraind, dat ik het onderscheid kan maken tussen gevoelens en gedachtes van mezelf en tussen gevoelens die voortkomen uit het veld, van detgenen dat ik representeer. Maar als mijn cliënt niet meebeweegt door zelf aan het werk te gaan, heeft dit werk weinig zin.
Hoe meer de cliënt met mij en met zichzelf, zijn systeem en zijn waarneming hiervan meebeweegt, des te effectiever de sessie.
SOMS HEB JE EEN BEETJE HULP NODIG
Soms werkt een sessie niet of nauwelijks bij een cliënt. Dat gebeurt ook wel eens. Het werkt dan niet bij hen, omdat ze nog niet kunnen voelen wat het systeem ze wil vertellen. Ze kunnen dan niet bij hun gevoelens, bij henzelf en zijn helemaal afgesloten van hun gevoel, hun innerlijk.
Wat dan soms nog wel werkt, is hen terug spiegelen dat ze vastzitten en ze laten zien dat het oké is om niet te kunnen voelen en vast te zitten. Ik heb geleerd om te zien hoe het voor deze mensen nu nog goed is dat ze nog niet bij hun gevoel kunnen.
Hoe werkt dit bij jou? Kun je in de regel bij je gevoel?
Of heb je een beetje hulp nodig?

Share This